Brief aan Bernard

Een paar jaar geleden heb ik een scenario voor een film geschreven. Ik kreeg goede reacties op dit scenario maar ik verwacht niet dat ik dit op korte termijn zal gaan verfilmen. Het verhaal laat me echter nog steeds niet los en dus probeer ik er nu een verhalenbundel van te maken.

In het kader van deel je proces, hierbij een stukkie tekst 🙂

Beste Bernard,

Ik ben blij om te horen dat jouw boek vordert en dat we binnenkort meer mensen kunnen informeren over onze strijd! 

Het verheugd mij zeer om je te kunnen vertellen dat na de executie van vanavond het dorp, waar ik nu verblijf, gezuiverd zal zijn. Daar ben ik blij mee want mijn botten verlangen naar wat rust en warmte. Ik moet zeggen dat de mensen hier zeer gastvrij zijn geweest maar de weelde van de steden in het zuiden is hen vreemd en dat is waar ik zo hoognodig aan toe ben. 

De afgelopen maanden zijn heel zwaar geweest en dat is ook de reden waarom een brief van mijn kant zo lang op zich heeft laten wachten. Ik denk dat de ervaringen die ik hier heb opgedaan je zullen verbazen en dat ze wellicht van waarde kunnen zijn voor jouw boek.  Het is dan ook mijn plan om deze brief achterna te reizen en je persoonlijk te komen opzoeken in de komende weken. Dan kan ik eventuele vragen beantwoorden die je naar aanleiding van de brief hebt. En geloof me die vragen zul je na het lezen van deze brief wel hebben..

Ik verblijf hier bij de lokale priester op de zolder van zijn huis. Dat klinkt wellicht niet als veel soeps maar hij heeft het vertrek van alle gemakken voorzien, het stinkt niet en het is niet ver lopen van de kerk en de kerkers. Daarnaast wordt er elke dag een heerlijke maaltijd gebracht die ik, soms alleen en soms met de notabelen van dit dorp, nuttig. Er wordt elke week een bad voor mij klaargezet en dan word ik gewassen door een niet al te onaantrekkelijke vrouw.. Zoals ik al zei, het is geen weelde maar ook niet geheel onplezierig.

 Terwijl ik dit schrijf aan mijn bureau bij het raam, kijk ik uit op een meanderende rivier, hoor ik de wind en de ganzen en zie ik de gebroeders Van Dongen de brandstapel bouwen voor de terechtstelling van vanavond. Bernard, de heks die we hier te pakken hebben en vanavond gaan terechtstellen, is er een van de buitencategorie maar daarover zometeen meer.  Laat ik bij het begin beginnen.

Ik ben hier naartoe gekomen op verzoek van de heer Van Dongen en van priester Willems. De heer Van Dongen verloor in een paar weken tijd een groot deel van zijn koeien en zijn vrouw leed aan een vreemde ziekte. Omdat hij geen oorzaak kon vinden, ging hij ervan uit dat er kwade opzet in het spel was. Priester Willems had al snel door dat als het hier inderdaad een maleficie betrof en besefte dat hij niet de ervaring noch de kennis had om hier iets aan te doen. Zodoende besloten ze mij contacteren. Ik was geïntrigeerd door hun verhaal zeker toen zij beschreven waar de vrouw aan overleden was. (er kwam bloed uit al haar holtes en na haar dood verschenen er vreemde blauwe plekken op haar lijf). Ik ging dus op hun verzoek in om een aantal dagen langs te komen en de vermeende heks op te sporen.

Direct na aankomst schrok ik van de hoeveelheid maleficien hier in de omgeving. Het kwade had hier duidelijk de vrije hand gehad en was als een ziekte mens en dier gaan besmetten. Maar ik spreek hier niet alleen over ziektes. Er woekerde een onkruid woekeren in en rond om het dorp, een kruid dat niemand herkende. Er waren meer muggen, vliegen en padden. Ook verdween er regelmatig voedsel. Daarnaast had hier kennelijk veel meer geregend dan de jaren ervoor en dreigde hierdoor de rivier buiten zijn oevers te treden. Al met al redenen genoeg om me zorgen te maken.

Zoals je weet is, in zo’n geval als dit, is de enige remedie: het ongedierte uitdrijven en uitroeien. Ik begon vol goede moed direct aan mijn missie en had binnen enkele dagen de eerste verdachten al opgepakt. Na wat aandringen (hier en daar volgens de ietwat hardhandige manier die broeder Kramer ons in al zijn wijsheid heeft geleerd)  kreeg ik al snel de namen van mensen uit hun heksenkring te horen. Ik dacht toen nog dat ik de arme dorpelingen snel kon helpen en dat ik met goed gevulde zakken binnen een paar weken weer terug naar huis zou kunnen keren maar dat liep toch anders.

Veroordeel me niet om wat ik hier nu ga schrijven. Ik heb het kwade kunnen weren maar het heeft me moeite gekost. Dat zul je hier zo lezen. Ik denk dat je na dit verhaal zult begrijpen waarom ik daarnet zei dat we hier met een heks van de buitencategorie te maken hadden. Ze had namelijk ook mij bijna betoverd. 

Ik zag haar voor het eerst op de markt. Bernard, geloof me dit was een vrouw zo mooi dat je ogen er pijn gingen doen. Haar glimlach, haar lijf, ogen die schitterden. Een vrouw, zoals God de vrouw bedoeld heeft.  Ik kon mijn ogen niet meer van haar af houden en ik was, zonder dat ik het doorhad, naar haar toegelopen. Ik moest en zou haar aanraken. Ik kon op dat moment aan niets anders meer denken. Ik had daar publiekelijk mijn habijt uit getrokken en mijn celibaat gebroken als ik niet op dat moment door mevrouw Van Wye was aangesproken. (Voor de duidelijkheid mevrouw Van Wye is een vriendelijke dame die me vroeg wanneer ze de kerk kon vegen.) Haar vraag haalde me uit de betovering. Ik wist nauwelijks nog wie ik was en stond aan de grond genageld. Het duurde een hele poos voordat ik weer mezelf was en op de vraag van mevrouw Van Wye kon antwoorden. Ik voelde me opgelucht en teleurgesteld tegelijkertijd. Kun je het je voorstellen?

De nachten daarna liet de vrouw, Dirkje heet ze, me niet meer los. Ze bezocht me zelfs in mijn slaap. Het kostte me de grootste moeite om na te denken overdag. Niet alleen was ik vermoeid maar ik dacht haar overal te zien. Ik hunkerde ernaar haar te zien. Ik ging keer op keer wandelen door het dorp en langs de rivier in de hoop een glimp van haar te kunnen vangen. Soms gebeurde dat en dan was ik vervuld van geluk maar tegelijkertijd werd ik ook geteisterd door onreine gedachten. Nog nooit heeft het me zoveel moeite gekost iemand uit het hoofd te bannen. Ik dacht echt op dat moment dat God me in de steek liet. En toen pas besefte ik me dat ik werd betoverd. Dat deze vrouw mij dit aandeed om me af te leiden van mijn doel. En welke andere reden kon zij hebben dan mij tot wanhoop probeerde te drijven? Ze moest wel een heks zijn. Ik had sowieso vanaf het begin af aan al het gevoel dat de terechtgestelden de aanstichtster of de opperheks, zo je wilt, buiten schot hielden.

Ik verdubbelde de inzet van lokale heksenjagers, draaide de duimschroeven aan bij de verdachten en verhoorde bijna iedere dorpeling. Ik vroeg hen rechtstreeks of zij Dirkje kenden en of zij weleens iets verkeerd had gezegd of gedaan maar wie ik ook sprak, iedereen hield vol dat Dirkje een onschuldige vrouw was. Dat zij iemand was die voor anderen klaarstond en altijd vrolijk was. Er zat geen onvertogen woord tussen. Heb je dat wel eens gehoord? Er is altijd wel iemand die iets kwaads over een ander weet te zeggen maar hier was er niet een. Dat maakte haar in mijn ogen alleen maar verdachter. Ze had iedereen in het dorp betoverd en dat kon echt alleen maar als zij rechtstreeks in contact stond met de duivel. Niet met een demon of ander soort wezen maar de duivel want alleen zo kon zij zoveel macht over niet alleen de dorpelingen krijgen maar ook mij. Want ik was aan het vallen Bernard en heel hard ook.

Het enige dat ik kon doen was haar zelf te beschuldigen. Ik weet het, dat is totaal ongepast en zo werken wij niet maar in dit geval zag ik geen andere uitweg. Ik liet drie beulen overkomen die ik nog kende uit andere streken. De lokale gerechtsdienaren zouden in mijn ogen niet in staat zijn haar op te pakken. Deze buitenstaanders daar kon ze, mijns inziens, zo snel geen invloed op uitoefenen. Voor de zekerheid heb ik de arrestatie ’s nachts laten plaatsvinden en heb ik twee beulen elkaar laten blinddoeken en naar binnen gestuurd. Het enige dat zij hoefden te doen was een vrouw van haar bed lichten en dat kon ook wel zonder het zintuig zicht, leek mij.  De derde beul stond met mij buiten voor de deur, voor het geval ze toch zou ontsnappen. Je moet begrijpen dat ik ten einde raad was. Niemand in dit dorp was tegen haar macht bestand en ik kon niet inschatten hoe lang ik het nog vol zou houden. Ik moest er in ieder geval voor zorgen dat zij niet het water kon beheksen of op een andere manier haar macht kon uitoefenen op de kwetsbare zielen.

Alle zondaars komen om in het duister en het blijkt een juiste beslissing geweest zijn om haar vast te zetten.

In de maanden daarna kon ik echter niets vinden om mijn beschuldiging kracht bij zetten. Elke test, elk verhoor overleefde ze. Ze bleef beleefd en lief en aardig. Ze vloekte niet en ze huilde niet. Ze was de schoonheid en puurheid zelve. Er kwam ook steeds meer weerstand van de dorpelingen. Men bleef geloven in haar onschuld.  

Maanden heeft dat geduurd en net toen ik stond op het punt haar vrij te laten, merkte ik op dat Dirkje een buikje kreeg. Ze bleek zwanger te zijn. Ze zat op dat moment al maanden vast en had geen fysiek contact gehad met anderen en dus was de enige juiste conclusie dat zij zwanger was van een halfgebroed. Ineens vielen de schellen van de ogen van de dorpelingen en zag men in dat zij hen allemaal behekst had. De haat nam enorme proporties aan en wij hebben bewakers voor de kerkers moeten zetten om te voorkomen dat de dorpelingen het heft in eigen hand gingen nemen. Het was de wereld op z’n kop. Niet dat het erg zou zijn als Dirkje zou sterven. Dat stond inmiddels wel vast maar het moest wel op de juiste manier gebeuren, vond ik.  

Zoals iemand een trotse leeuw met een woeste blik overmeestert, vervolgens zijn manen afscheert, zijn tanden breekt, zijn klauwen bijknipt en er een onbeholpen, lachwekkend gedrocht van maakt, zorgen dit soort vrouwen ervoor dat alle mannen die ze voor zich winnen een makkelijke prooi voor de duivel worden.

Dat staat er dus vanavond te gebeuren. Ik weet het, het is ongebruikelijk om een terechtstelling in de avond te laten plaatsvinden maar daar heb ik voor gekozen omdat het dan feestelijker aandoet met het vuur zo aan de waterkant en men hier wel een feestje verdiend omdat ze eindelijk verlost lijken te zijn van het kwaad.  Maar ik heb er ook voor gekozen omdat men dan met het gegil van Dirkje nog vers in het geheugen in bed stapt. Ik hoop dat ze er zo van leren en niet meer zo achterlijk en goedgelovig zullen zijn in de toekomst.

Ze had mij bijna te pakken, Bernard, maar God heeft mij behoed. Vanavond zal zij levend branden en naar de hel geblazen worden waar ze thuishoort.

Ik hoop dat het je goed gaat. We zien elkaar snel.

Je vriend,

Cornelius

Wil je vaker verhalen & hersenspinsels lezen? Dan kun je me hier:

Geef een reactie

Comments (

0

)